test

Themamiddag 17 januari 2019 met Rob Hinze

Geplaatst op 26 januari 2019

Merkwaardige muziek bij de KBO

 

“Die man kan overal op spelen!” Bewonderend commentaar uit de zaal als Bennebroeker Rob Hinse weer een ander instrument van de tafel pakt en laat horen, hoe het klinkt.  Hij is 17 januari te gast bij de ouderenvereniging KBO Hillegom en zijn instrumenten zijn bepaald niet alledaags. De draailier of de grote doedelzakken heeft hij vandaag niet bij zich, maar wel een klompviool, een panjo, verschillende fluitjes, een harmonica en trekharmonica’s met een of twee rijen knoppen, een zeer zeldzame flutina, een dulcimer, een Hümmelchen, oftewel een kleine doedelzak, een banjo… het houdt niet op.  Een sensatie is natuurlijk de panjo, een instrument, gemaakt van een oude pan, die min of meer als een banjo klinkt. De naam is eigen vinding.

Hinse vertelt met de nodige humor allerlei verhalen over zijn instrumenten. Via zijn vader, die in Amsterdam aan de Volksmuziekschool werkte, leerde de jonge Rob veel instrumenten bespelen. Van zijn zus pikte hij de gitaar als ze niet thuis was en leerde zichzelf akkoorden.

Hij zingt het bekende liedje West zuid-west van Ameland, daar ligt een kolkje diep. Het venijn zit in het refrein: Mooi is het meisje, maar lelijk is d’r moer. Daar werd een toehoorster ooit zo boos om dat hij die zin veranderde: vrolijk is d’r moer. Dat klinkt heel wat vriendelijker.

Het publiek, eerst nog wat roezig,  luistert ademloos. Bij de instrumenten is ook een Flutina uit 1830. De voorloper van de harmonica min of meer. Het ding speelt nog steeds en dat veroorzaakte opwinding in een winkel, waar Rob ermee kwam. “Hij doet het nog!” Tot op dat moment had de verkoper nog nooit een spelende flutina gehoord. Die zijn zelfs met een lantaarntje niet meer te vinden. Waarde? Daarin is de musicus niet geïnteresseerd.

Op een fluit, zelf gemaakt van elektriciteitsbuis, speelt Hinse de Sonata in G van Hope, een componist die in 1827 overleed. Het geluid is niet optimaal, deze fluit slaat erg makkelijk over. Maar het is ongelofelijk dat het mogelijk is.

Een bijzonder instrument is ook de Dulcimer, in het Nederlands de Hommel en in Friesland de Noordse balk. Niemand in Bloemswaard heeft zo’n ding eerder gehoord.

Er worden ook zelf geschreven liedjes gezongen. Veel bijval krijgen er twee aan het eind van de presentatie. “Gepensioneerd” heet het laatste. De niet-werkende wordt gevraagd voor allerlei klusjes en moet onbetaald overal komen opdraven. Tot hij rigoureus een eind maakt aan het klaplopen: 20 euro per uur voor de Klusjesman! En dan pas kan hij met een biertje voor de TV zitten. Blijkbaar komt dat hier en daar toch wel erg bekend voor! Een bijzonder leuke middag. Wie er niet bij is geweest heeft echt iets gemist.

 

Veronica Handgraaf

 

 

Comments are closed.